Lotte de Bruijn: Nederland is in 2020 de meest geavanceerde digitale economie van Europa
20-06-2015 | door: Marco van der Hoeven
Deel dit artikel:

Lotte de Bruijn: Nederland is in 2020 de meest geavanceerde digitale economie van Europa

Als het aan Lotte de Bruijn ligt, is Nederland in 2020 de meest geavanceerde digitale economie van Europa. De directeur van Nederland ICT wil iets doen aan de 'enorme mismatch' tussen vraag en aanbod op de arbeidsmarkt. “Ik wil meer waardering voor de positieve bijdrage van ICT-projecten aan onze samenleving.”

Lotte de Bruijn is sinds een jaar directeur van Nederland ICT, na verschillende sales- en marketingfuncties te hebben bekleed bij onder andere Dell en IBM. “Het was een jaar van ontdekkingen, hoewel de ICT-wereld allesbehalve nieuw voor me is. Werken voor een hele sector in Nederland is iets anders dan voor één grote Amerikaanse ICT-organisatie. Toch is mijn ervaring aan de bedrijvenkant heel waardevol in mijn huidige functie. Het is belangrijk dat ik me kan verplaatsen in onze leden en weet wat er speelt. Ik heb een ontzettend groot ICT-hart en ik geloof heilig dat ICT een belangrijke bijdrage levert aan bijna alle maatschappelijk relevante vraagstukken.”

De Bruijn wil laten zien wat ICT allemaal kan en doet. “We moeten onze ogen niet sluiten voor minder positieve zaken, zoals problemen met privacy als gevolg van het werken met 'big data'. Sterker: juist wij stropen de mouwen op om zo'n probleem aan te pakken. Maar Nederland ICT wil vooral benadrukken wat ICT mogelijk maakt. Door de huidige digitale technologieën blijven ouderen langer thuis wonen, bijvoorbeeld. En door ICT-toepassingen gaan we slimmer om met logistiek en mobiliteit, zodat we fileproblemen oplossen.”

Het imago van de ICT-sector is niet per se goed, weet De Bruijn. “Als een ICT-project mislukt, wordt dat breed uitgemeten in de media. Diezelfde media berichten gretig over de net al genoemde privacyrisico's. Maar wat in onze sector allemaal wél goed gaat, daar hoor je veel minder over of wordt door het publiek ervaren als vanzelfsprekend. Mensen zijn zo gewend geraakt aan ICT-toepassingen, dat ze die niet meer als zodanig herkennen. We vinden het normaal dat een ziekenhuis draait zoals het draait, maar vergeten dat zo'n instelling helemaal vol zit met technologie. Ook scholen en overheidsorganisaties kunnen niet meer zonder ICT. Stel je een Belastingdienst voor waar je niet digitaal je aangifte kan doen. Ik vind dat we trotser moeten zijn op wat we hebben.”

Mismatch

Ook het imago van ICT als schoolvak laat te wensen over. “Met als gevolg een enorme mismatch tussen vraag en aanbod op de arbeidsmarkt, vooral als het gaat om hoger opgeleiden. Onze achterban schreeuwt werkelijk om programmeurs, die komen onvoldoende van school af. Informatica heeft een 'nerd-imago' en te weinig leerlingen kiezen daarvoor. Ik wil dat digitale vaardigheden vanaf zo jong mogelijke leeftijd in het onderwijs worden meegenomen. Dat kan spelenderwijs; het lijkt mij heel 'cool' om als kind je eigen game te ontwikkelen. Engeland is veel verder, daar leggen leerlingen vloeiend uit hoe scripting en coderen werkt. Nederland ICT wil het analytisch vermogen van kinderen zoveel mogelijk stimuleren, overigens zonder van iedereen een programmeur te willen maken.”

Meer aandacht voor technologie op school betekent volgens De Bruijn niet alleen lesuren informatica. “De toepassing van ICT kun je ook betrekken bij andere schoolvakken. Waarom zou de inzet van ICT bij de analyse van DNA-gegevens geen onderwerp kunnen zijn van een biologieles? Zo laat je zien dat ICT niet alleen leuk is voor nerds, maar ook gewoon praktisch. Laat vooral zien dat je als ICT'er echt een verschil maakt. Ik hoop dat ICT de hoofdrol krijgt in het onderwijs die het verdient.”

Samen met ECP en het CIO Platform heeft Nederland ICT een speciaal programma om kinderen te enthousiasmeren voor ICT: 'Geef IT door'. “We zeggen tegen IT-professionals: ga maar voor de klas staan. Mijn achterban wordt uitgedaagd om na te denken hoe ze zelf ICT-onderwijs zouden geven, met de bedoeling om leerlingen en studenten een beter beeld te geven van de mogelijkheden op de ICT-arbeidsmarkt. Iets anders: we willen dat technologie deel uitmaakt van assessment-trajecten. Om de kwaliteit van een school te bepalen, wordt vaak gekeken naar een beperkt aantal vakken en daar zit techniek meestal niet bij. Omdat scholen dergelijke beoordelingen erg belangrijk vinden, missen ze de 'incentive' om goed technologie-onderwijs aan te bieden.”

ICT en overheid

Net als  in haar vorige functie heeft Lotte de Bruijn als directeur van Nederland ICT veel te maken met de overheid. “Onze missie is om het ondernemersklimaat te optimaliseren voor onze achterban. Daarin hebben we ook gelijke belangen, want ook het Rijk, provincies en gemeenten hebben behoefte aan gekwalificeerd ICT-personeel. Een ander aspect van onze relatie met het openbaar bestuur is de discussie over privacy en wet- en regelgeving. Ik vind privacy superbelangrijk, maar de 240 vormen van wetgeving op dat terrein mogen geen belemmering zijn om verder te innoveren. Ik vind innovatie en privacy überhaupt twee totaal verschillende gesprekken. Een belangrijke factor in onze relatie met de overheid is vertrouwen. Een gebrek aan vertrouwen leidt tot angst en dat is altijd een slechte raadgever. De angst dat wij niet weten wat met onze data gebeurt, mag mijns inziens nooit een reden zijn om te stoppen met de verdere ontwikkeling van ICT-toepassingen. Dat soort zaken zijn namelijk goed op te lossen”

ICT is volgens De Bruijn juist niet alleen een aangelegenheid voor CIO's en andere ICT-professionals. “Ook voor politici, CEO’s en andere managers geldt: ICT zit in alles. Dus ook als je niet direct verantwoordelijk bent voor de ICT-portefeuille, moet je enige kennis hebben van de mogelijkheden van ICT. Iedereen zou er een beetje van moeten weten. Het bewustzijn is toegenomen en het staat op de agenda, dat merken we in onze gesprekken. Wij delen graag kennis. De overheid heeft de ambitie om in 2017 alles digitaal te kunnen aanbieden en daarvoor hebben zij ons als markt hard nodig. We merken dat de politiek zeker bereid is om naar bedrijven te luisteren.”

Over het kennisniveau bij politici is De Bruijn minder negatief dan veel critici. Het mislukte automatiseringssysteem SPEER bijvoorbeeld, volgens NRC Next 'het grootste en duurste ICT-project van de overheid ooit', staat volgens haar niet model voor een normale gang van zaken, er zijn ook positieve voorbeelden “Ik ken onvoldoende details om over dit specifieke dossier een oordeel te hebben, maar een goed ICT-project begint altijd met de juiste vraagstelling, al ver voordat überhaupt sprake is van een aanbesteding. Wat wil je bereiken,wat wil je doen, wat is haalbaar? Zo'n vraag krijg je als opdrachtgever alleen beantwoord in samenwerking met de markt. Wij hebben een haalbaarheidstoets die problemen als met SPEER voorkomt. Twee bijeenkomsten en een heel duidelijk rapport met adviezen, allemaal heel open.”

Imago

We mogen best positiever zijn over wat ICT oplevert, vindt De Bruijn. “Er is altijd commentaar, bijvoorbeeld op alwéér een nieuw ICT-project bij de Belastingdienst. Soms terecht, vaak onterecht. In onze sector werken een kwart miljoen mensen en de economische groei in Nederland is heel direct te herleiden naar de ICT-branche. Maar wat ICT betekent naar buiten toe, voor de zorg, de transportsector, de tuinbouw of wat dan ook; er is een rol weggelegd voor Nederland ICT om dat wereldkundig te maken. De effecten van geslaagde ICT-projecten, de impact daarvan op de samenleving, zijn altijd moeilijker inzichtelijk te maken dan mislukkingen.”


De ambitie van Nederland ICT is dat ons land in 2020 de meest geavanceerde digitale economie is van Europa, of zelfs van de wereld. “We zien een aantal belemmeringen, waaronder wet- en regelgeving en een tekort aan de juiste ICT'ers”, besluit Lotte de Bruijn. “Mijn werkzaamheden hebben niet direct te maken met 'hardcore' technologie, maar met uitdagingen als big data, cyber security en privacy, hoewel die natuurlijk een technisch aspect hebben. Het gaat me vooral om het ondernemersklimaat. Ik wil dat Nederland leidend is in zowel de ontwikkeling als het gebruik van digitale technologieën. Ik wil meer samenwerking, ook met de overheid, en de erkenning dat ICT niet alleen een ding is van CIO's. Technologie zit ver doorgevoerd in de business. Ik zie een CIO vooral als een ambassadeur. Hij kan laten zien dat ICT meer productiviteit oplevert, of voorspellen welke technologische vernieuwingen morgen voor de deur staan, zoals robotica of artificial intelligence. Want dat is het mooie van ICT: 'never a dull moment' en altijd iets dat verandert.”

Terug naar nieuws overzicht