DINL versterkt positie van digitale infrastructuursector als digital mainport

DINL versterkt positie van digitale infrastructuursector als digital mainport

02-07-2016 | door: Wouter Hoeffnagel

DINL versterkt positie van digitale infrastructuursector als digital mainport

Nederland beschikt over een sterke digitale infrastructuur. Om de sector op de kaart te zetten en de positie van de sector als digitale mainport van Nederland te versterken, hebben een aantal organisaties uit de sector in 2015 de Stichting Digitale Infrastructuur Nederland (DINL) opgericht. Michiel Steltman, de kersverse directeur van DINL, zet de toekomstplannen van de stichting uiteen.

“Binnen de snel groeiende digitale sector zijn er allerlei partijen actief die zich ieder op specifieke segmenten richten. Zo is de traditionele ICT-sector al lange tijd verenigd binnen Nederland ICT, worden datacenters vertegenwoordigd door Dutch Datacenter Association en zetten de DHPA en ISPConnect zich in voor hosting en cloud providers.” Begin 2015 besloten een 7-tal organisaties die hun kernactiviteiten hebben in de sector digitale infrastructuur zich te verenigen in de koepelorganisatie stichting DINL. “DINL zet zich in voor de belangen van de Nederlandse digitale infrastructuursector”, legt Steltman uit.

Uniek karakter
Michiel Steltman was tot eind 2015 actief als directeur van de DHPA. “De afgelopen jaren heeft de DHPA de kans gegrepen om het unieke karakter van de Nederlandse digitale infrastructuursector te laten zien. De stichting heeft veel aandacht weten te trekken met onder andere thema’s als de digital mainport, veiligheid, onderwijs en kansen die de sector voor Nederland oplevert”, legt Steltman uit.

Deze thema’s hebben echter niet alleen betrekking op hosting en de cloud, maar op veel meer onderdelen van de online sector. “Dat was de aanleiding samen met een aantal andere partijen DINL op te richten. DINL kijkt vanuit een bredere visie naar die thema’s.” Michiel Steltman maakte op 1 januari 2016 de overstap naar Stichting DINL en als directeur.

Digitale springplank naar Europa
De digitale infrastructuur is een sector die unieke kansen biedt. De branche heeft veel grotere betekenis voor de Nederlandse economie dan je zou verwachten. De sterke en internationaal georiënteerde Nederlandse digitale infrastructuur is niet alleen een basisvoorwaarde voor digitalisering van de samenleving en het bedrijfsleven, maar biedt bedrijven de ideale mogelijkheid hun online activiteiten naar Europa te kunnen uitbreiden. En ook speelt de sector een essentiële rol sector bij de positie van Nederland als vestigingsplaats voor datacenters en buitenlandse Internet partijen. Dat maakt Nederland voor het eigen bedrijfsleven en voor buitenlandse partijen een digitale springplank naar Europa. Dat kan Nederland veel economische winst opleveren.

Om deze unieke positie te bewaken en versterken, is het noodzakelijk dat alle relevante factoren goed zijn afgestemd op de behoeften van de sector en de bedrijven die er hun business op baseren. De overheid heeft invloed op de randvoorwaarden, zodat de sector kan groeien. DINL draagt daar aan bij door geven van goede voorlichting Dat vergroot de noodzakelijke kennis van bestuurders en politici over de werking van de digitale economie. Onderwijs dat goed aansluit op de sector zorgt voor de noodzakelijke instroom van technisch talent,. Het bouwen en borgen van vertrouwen en transparantie, en het aanjagen van samenwerking binnen en buiten de sector zijn van cruciaal belang voor het functioneren van het complexe ecosysteem van aanbieders, afnemers en betrokken organisaties. De overheid moet blijven investeren in onderzoek en ontwikkeling van de internetwereld zodat Nederland haar voorsprong kan behouden. En de overheid moet uiteraard afzien van wet- en regelgeving die de sector schade toebrengt. Dat zijn dan ook allemaal speerpunten waarop DINL inzet naar overheid, politiek en de eigen achterban.

Digital mainport
Gelukkig wordt het belang van de digitale infrastructuur steeds meer herkend. Zo heeft de Tweede Kamer in oktober 2015 de digitale infrastructuursector benoemd als derde mainport van Nederland, na een motie van D66-Kamerlid Kees Verhoeven. “Met dit besluit zijn wij uiteraard erg blij. Naar verwachting leidt die erkenning tot de juiste aandacht voor de sector in het overheidsbeleid. Voorgaande kabinetten hebben hier nauwelijks aandacht aan besteed. De term ICT heeft niet altijd een positieve associatie. Bij internet wordt vaak gedacht aan de gereguleerde telecomindustrie. Of er wordt gesproken over bedreigingen door cybercrime, of voor de privacy. ICT komt niet zelf voor in het topsectorenbeleid. De gedachte was, en is nog steeds, dat ICT slechts ondersteunend is voor andere sectoren en op zichzelf geen economische waarde creëert”

“We verwachten daarom dat in de komende kabinetsperiode een grotere rol is weggelegd voor beleid rond digitale infrastructuur dan nu het geval is. We verwachten dat vaker gesproken zal worden over de kansen die de sector biedt en de waarde die het kan creëren. Dit vinden wij uiteraard een hele goede ontwikkeling, die de Nederlandse samenleving niet alleen de mogelijkheid biedt om meer te profiteren van digitalisering, maar ook van de economische effecten van de mainport gedachte”, aldus Steltman.

Werk aan de winkel
Tegelijkertijd is echter nog veel werk aan de winkel. Ondanks de erkenning vanuit de Tweede Kamer als derde mainport, wordt die visie nog niet door alle betrokken partijen gedeeld. Een voorbeeld is VNO-NCW, dat in haar onlangs gepubliceerde mainport-advies geen aandacht besteedt aan de mainport functie die de digitale infrastructuur heeft, maar digitale infra schaart onder de noemer van digitalisering. Stichting DINL blijft dan ook inzetten op het benadrukken en zichtbaar maken van de unieke positie en economische kansen van de sector. “We blijven in gesprek treden met betrokken partijen om het belang van de Nederlandse digitale infrastructuur en de positie van Nederland als digitale mainport te benadrukken.”

“De kracht van de samenwerking van onze deelnemers, partners en andere partijen laat zich al zien. Zij zetten zich net als DINL in om het bewustzijn over het belang van de sector te vergroten. De samenwerking met Rabo leidt tot onderzoeken naar de economische effecten en kansen. En ook de samenwerking met het ECP is voor ons van belang. Zij publiceerden onlangs hun visie voor een volwassen informatiemaatschappij, waarin een prominente rol voor de digitale infrastructuur wordt beschreven. Die samenwerkingen zijn voor ons erg waardevol. Zo kunnen we gezamenlijk optrekken en op meer plekken hetzelfde geluid kunnen laten horen. We kunnen het immers niet alleen!”

Stichting DINL
Stichting DINL vertegenwoordigt partijen die de infrastructurele functies leveren voor de digitale economie. Deelnemers van de stichting zijn:

  • AMS-IX
  • Dutch Datacenter Association
  • Stichting DHPA
  • ISPConnect
  • Nederland ICT
  • NLnet Foundation
  • SIDN
  • SURFnet
  • Vereniging van Registrars

De Rabobank is partner van DINL.

Het bestuur van Stichting DINL wordt benoemd door de deelnemers. De dagelijkse activiteiten van de stichting worden uitgevoerd door team DINL, dat onder leiding staat van Michiel Steltman.

Meer informatie over Stichting DINL is te vinden op http://www.dinl.nl/.

Terug naar nieuws overzicht