Laten wij ónze play-off winnen en ónze roze trui verdienen

04-06-2017 | door: Blog

Laten wij ónze play-off winnen en ónze roze trui verdienen

Iedereen heeft wel een voetbalclub waar hij wel of geen sympathie voor voelt. In de praktijk blijkt dat er ook veel mensen zijn die zowel liefde hebben voor de ene club, maar ook haat voelen voor een andere club. Héél véél haat soms. Zoveel haat soms, dat het voor die mensen fijner is als de gehate club geen succes heeft, dan als hun eigen club wel succes heeft. Met ons kantoor gevestigd in Utrecht kom ik op de werkvloer weleens fanatieke voetballiefhebbers tegen die ondanks het verlies van de lokale FC toch een geweldig weekend hebben gehad. De reden daarvoor zit ‘m er dan in dat Ajax punten heeft verspeeld. Deze twee clubs zijn nooit echt boezemvrienden geweest, maar sinds “Wamberto” komt het echt nooit meer goed lijkt het. Ik moet ook toegeven dat ik (als fan van de club uit Amsterdam) deze discussie intern weleens wil aanwakkeren c.q. levend wil houden. Gewoon daarom.

Máár… dit jaar moest ik die rivaliteit tussen de clubs geregeld “spelen”. Stiekem heb ik dit jaar namelijk heel veel bewondering voor het team uit onze Domstad. Ik zal uitleggen waarom. Normaal gesproken werk je met z’n allen hard voor een bepaald doel. Welk doel dan ook. Kampioenschap, Europees voetbal, handhaving, linker rijtje, whatever! Je vecht ergens voor. Om dat te halen maak je afspraken, houd je elkaar aan afspraken, maak je ruzie met elkaar, lach je met elkaar, probeer je anderen te triggeren. Kortom: je probeert zelf een maximale bijdrage te leveren aan het proces en resultaat en verlangt dat van de anderen ook. Zolang de uitslag van iedere wedstrijd ertoe doet en bijdraagt aan dat ene doel, voelt dat niet als een zware opgave.

Als je dan naar dit seizoen van FC Utrecht kijkt, zie je dat zij vrij snel na de winterstop eigenlijk niets meer te winnen en niets meer te verliezen hadden. Ze stonden vierde. Het gat naar nummer drie was te groot om te kunnen dichten en terugvallen naar nummer vijf leek ook onwaarschijnlijk. Kortom, er was niet echt veel meer om voor te spelen. De play-offs waren immers toch al binnen. Toch heeft de technische staf het voor elkaar gekregen om iedere week een scherp team neer te zetten met de juiste drive en uiteindelijk ook (bijna) altijd met de juiste uitkomst.

Naast het feit dat zij wat mij betreft de terechte winnaar zijn van de play-offs, vind ik het interessant om dit fenomeen vanuit management perspectief te volgen. Hoe benader je de groep die nergens meer voor voetbalt, hoe beweegt een groep die zijn target toch niet meer kan halen (of allang gehaald heeft), hoe voorkom je dat berusting of verslapping in het team komt als de sales resultaten even tegenzitten en “niemand iets kan doen aan de beweging van de markt”. Hoe zorg je ervoor dat je rustig blijft als je ziet dat je concurrent sneller de berg op rijdt dan jij en je weet dat je je roze trui kwijtraakt.

Met de zoektocht naar die antwoorden kan je boeken vol schrijven. Voor mij is de korte variant toch dat je weet wat je wil en dat de route daarnaartoe duidelijk is. Het maken van afspraken en die tot in detail met elkaar nakomen. Weten wat je kan, weten wat je wil en weten wat er nodig is. En daar dan aan vasthouden. En soms hoort keihard afzien daarbij.

Sommigen ervaren de zomer voor de IT-markt als zijnde die steile berg op de fiets of het vacuüm tussen voor- en najaar (lees: plek 3 en 5). De vraag is, hoe gaan we daarmee om? Zitten we de zomer uit of gaan we opzoek naar opportunity’s? Zolang we met elkaar de juiste dingen doen, kunnen wij ónze play-off winnen of ónze roze trui verdienen.

De boodschap voor de zomer is: schouders eronder en gáán!

Stefan Duijndam, Director of Sales & Volume Business at Ingram Micro

Terug naar nieuws overzicht